Nuis

het verhaal achter...

nuis

foto

Nuis (Gronings: Nuus) is een dorp in de gemeente Marum in de Nederlandse provincie Groningen. De naam komt van nij huis (nieuw huis), dat is geassimileerd tot Nuis. Het dorp heeft volgens het CBS 685 inwoners (2015).

Geografie

Het dorp ligt tussen het dorp Marum en Leek. Aan de oostkant het dorp ligt het bijna-tweelingdorp Niebert, waarmee Nuis een gemeenschappelijke bewoningsas deelt. Buiten de bebouwde kom reikt het postcodegebied van Nuis een stuk verder naar het westen dan naar het oosten. Aan de oostkant van het dorp gaat Nuis buiten de bebouwde kom vrijwel direct over in het postcodegebied van Niebert. Aan de westkant liggen de buurtschap ’t Malijk en het dorp Marum. Ten noorden van Nuis liggen het dorp Lucaswolde en het Oud Diep en ten zuiden de Jonkersvaart. Het dorp behoorde vroeger tot het ommeland Vredewold en ligt op dezelfde dekzandrug als Marum, Niebert, De Holm en Tolbert. In de middeleeuwen raakte deze zandrug in het Westerkwartier weer bevolkt en rond de 10e eeuw begon men ook met het afgraven van het omliggende veen. In Nuis en Niebert ontstond zo het kenmerkende landschap van opstrekkende heerden, van het Oude Diep tot ver in de veengebieden bij Zevenhuizen. Zo breidde de toenmalige eigenaar van de Coendersborg (destijds nog Fossemaheerd) zijn landerijen dusdanig uit dat het tot een treffen kwam met de Heer van Nienoord bij het Bolmeer.

Alle percelen in dit coulisselandschap werden van elkaar gescheiden door sloten en singels met als gevolg het karakteristieke coulisselandschap van het zuidelijke Westerkwartier. De oude, noordelijke ontwikkelingsas van Nuis-Niebert ligt voor Nuis aan de Nieuweweg en voor Niebert aan de Molenweg. De plaatsen van de kerk van Nuis en de kerk van Niebert herinneren hier nog aan. Deze as werd verlaten, omdat de grond door het afgraven inklonk. Men begon toen met de bouw van boerderijen rond het Malijksepad, in Nuis ‘Oudeweg’ geheten. Later schoof de ontwikkelingsas weer naar het noorden. Door het verlies van de zuidelijke gebieden aan de Heer van Nienoord verloor Nuis de helft van de oppervlakte. Met het ontstaan van het dorp Jonkersvaart verloor Nuis nog meer aan oppervlak.

Geschiedenis

Nuis was zeer welvarend in de 19e eeuw. Het dorp kende een aantal aanzienlijke boerderijen waarvan de Fossemaheerd samen met de Harkemaplaats en de Heringheplaats uitgroeide tot de Coendersborg. Een andere grote boerderij in het dorp was de Offeringaheerd. Daarnaast had het dorp in die tijd ook drie molens. Er bevond zich een korenmolen op het perceel direct ten oosten van de brede school ’t Sterrenpad, dit was een stellingmolen, net als de Nieberter molen. Aan de Oudeweg tussen de Fossemalaan en de Van Teijenslaan stond een boekweitmolen. De derde molen, een watermolen, stond op een sloot naast de Schipsloot. De molen was eigendom van Benedictus van Teyens en betrof waarschijnlijk een spinnenkop of een wipmolen. In de decennia na de Tweede Wereldoorlog groeide Nuis weer en werd er veel nieuwbouw gepleegd op het land tussen de Nieuweweg en de Oudeweg. Zo ontwikkelden zich de Kerklaan, Coenderslaan, Fossemalaan, Van Teijenslaan en de Offeringalaan en kreeg Nuis het huidige uiterlijk.

Bron: Wikipedia

“Nuis was zeer welvarend in de 19e eeuw. Het dorp kende een aantal aanzienlijke boerderijen”.

Vorige pagina